Een van de opvallendste keuzes op Nieuw Zuid is de open bouwblokkenstructuur. Waar klassieke stadswijken vaak vertrekken vanuit gesloten bouwblokken met afgeschermde binnenterreinen, werd hier bewust gekozen voor een opener model. Daardoor spelen ook de private groenzones een rol in de beleving van de wijk als geheel. Volgens Stefan Paeleman zorgt dat voor een bijzondere ruimtelijke ervaring. “Ondanks de hoge densiteit voelt de wijk opvallend open aan.” Het resultaat is een buurt die stedelijk is, maar tegelijk lucht en ademruimte biedt.
Groen als ruggengraat van de wijk
Die openheid heeft veel te maken met de centrale rol die landschap speelt in het ontwerp van Nieuw Zuid. Groen werd hier niet toegevoegd als aankleding achteraf, maar vormde vanaf het begin een essentieel onderdeel van het masterplan. De keuze voor een groot centraal park creëerde niet alleen extra ademruimte, maar bepaalde ook hoe de gebouwen werden ingeplant. Zoals Paeleman het samenvat: “Het zijn gebouwen in een park en niet een park rond gebouwen.” Die omkering van perspectief bepaalt tot vandaag het karakter van de wijk.
Ook landschapsarchitect Bas Smets speelde daarin een belangrijke rol. Samen met de ontwerpers van de gebouwen werkte hij aan een landschappelijke structuur die de hele wijk samenbindt. Publieke en private groenzones vloeien in elkaar over en versterken elkaar. Daarbij werd bewust gekozen voor een landschap dat zowel vandaag als op lange termijn kwaliteit moet bieden. “Van meet af aan hebben we bewust ingezet op een robuust landschap.” Daardoor draagt niet alleen het park, maar ook het landschap tussen de gebouwen bij aan de identiteit van Nieuw Zuid.
Ontworpen voor een veranderend klimaat
De aandacht voor groen heeft bovendien niet alleen een esthetische functie. Op Nieuw Zuid vervult het landschap ook een belangrijke rol in de omgang met water en hitte. Wadi’s en infiltratiezones maken integraal deel uit van de wijk. “Het park wordt zo niet alleen recreatief gebruikt, maar ook als waterbuffer.” Wat voor bezoekers oogt als een aangename groene ruimte, helpt tegelijk om hevige regenval op te vangen en de gevolgen van klimaatverandering te beperken. Landschap wordt zo een actief onderdeel van de stedelijke infrastructuur.
Volgens Paeleman ligt daarin een van de belangrijkste lessen van Nieuw Zuid. Een hedendaagse wijk moet meer zijn dan een verzameling woningen. Ze moet ruimte bieden aan ontmoeting, natuur en klimaatadaptatie, zonder daarbij aan stedelijkheid in te boeten. Nieuw Zuid toont dat verdichting niet hoeft te leiden tot een benauwde leefomgeving. “Die vrij hoge stedelijke densiteit voelt toch relatief onstedelijk aan.” Misschien is dat wel de grootste verdienste van de wijk: bewijzen dat leefkwaliteit en verdichting perfect hand in hand kunnen gaan.