Een belangrijke motor achter die beweging is het gewijzigde fiscale kader. De verlaging van de registratierechten heeft de drempel om te kopen verlaagd en dat effect was meteen voelbaar op de markt. Vooral in Wallonië, waar de aankoopbelasting voor de enige eigen woning sterk werd teruggebracht, nam zowel het aantal transacties als het prijsniveau opvallend toe. Ook in Vlaanderen speelde de fiscale stimulus een rol, zij het minder uitgesproken, met een gematigder prijsstijging en een beperkter effect op het aantal verkopen. Die maatregelen verlagen niet alleen de instapdrempel, maar versterken ook het vertrouwen om opnieuw vooruit te kijken en woonkeuzes te maken met het oog op de lange termijn.
Van afwachten naar vooruitkijken
De heropleving wijst er tegelijk op dat veel kopers hun beslissing niet langer uitstellen. Na een periode van afwachten zorgen duidelijkere spelregels, aangepaste fiscale maatregelen en meer inzicht in de totale woonkost opnieuw voor vertrouwen. Wie vandaag koopt, kijkt minder naar snelle winsten en meer naar woonkwaliteit, energiecomfort, toekomstbestendigheid en zekerheid op lange termijn. Die verschuiving versterkt de focus op duurzame woonkeuzes en langetermijnkwaliteit.
Opvallend is ook de veranderende samenstelling van het koperspubliek. Jongeren zijn opnieuw nadrukkelijker aanwezig op de vastgoedmarkt, vooral in het segment van de appartementen. Lagere aankoopkosten maken het voor hen haalbaarder om de stap naar eigendom te zetten, zeker in vergelijking met de sterk gestegen huurprijzen. Voor huizen blijft die instroom beperkter, omdat het vereiste budget daar doorgaans hoger ligt en appartementen beter aansluiten bij veranderende woonbehoeften en gezinsstructuren.
Energieprestatie en type woning wegen zwaarder door
De energieprestatie van woningen weegt steeds zwaarder door in de aankoopbeslissing. Hoewel panden met een zwakke energiescore vaak een lagere instapprijs hebben, loopt de totale kost door noodzakelijke en vaak moeilijk inschatbare renovaties snel op. Energiezuinige woningen en nieuwbouw bieden daarentegen meer zekerheid, lagere gebruikskosten en een hoger wooncomfort, zonder ingrijpende werken achteraf. Voor veel kopers wordt die voorspelbaarheid op lange termijn almaar doorslaggevender.
Tot slot blijft het verschil tussen nieuwbouw en bestaand vastgoed groeien. Nieuwbouwappartementen worden steeds schaarser, terwijl het grootste deel van de markt gedragen wordt door bestaande woningen en appartementen. Die schaarste maakt duidelijk hoe cruciaal doordachte nieuwbouw is om de woningmarkt in evenwicht te houden en nieuwe woonbewegingen mogelijk te maken. Projecten die inzetten op kwaliteit, energie-efficiëntie en leefbaarheid creëren niet alleen toekomstgerichte woningen, maar versterken ook het bredere woonweefsel. In een markt die opnieuw aantrekt, wordt net dat type ontwikkeling steeds bepalender.
Bron: De Tijd & DPG Media