De 15-minutenstad, of de luxe van dichtbij

De herfst is begonnen. De dagen worden korter, het weer wat wisselvalliger en plots merk je opnieuw hoe aangenaam het is als je voor de dagelijkse dingen niet ver hoeft. Even te voet naar de bakker of supermarkt, met de fiets naar school of het werk, een koffie om de hoek of een park vlakbij om nog wat buitenlucht mee te pikken. Wat het hele jaar door praktisch is, wordt in de herfst en winter misschien nog tastbaarder: goed wonen heeft niet alleen met je woning te maken, maar ook met wat je rondom je voordeur vindt.

Dat idee staat centraal in het concept van de 15-minutenstad, dat vanaf 2016 bekendheid kreeg door de Frans-Colombiaanse stedenbouwkundige Carlos Moreno. Het uitgangspunt is eenvoudig: bewoners moeten de meeste dagelijkse voorzieningen binnen ongeveer een kwartier wandelen of fietsen kunnen bereiken. Denk aan winkels, scholen, werkplekken, gezondheidszorg, sport, cultuur, horeca en groen. In plaats van functies over de stad te verspreiden en bewoners voor elke verplaatsing in de auto te doen stappen, brengt de 15-minutenstad wonen, werken en ontspannen opnieuw dichter bij elkaar. Het resultaat is een stad die meer op maat van voetgangers en fietsers is georganiseerd.

Van stadsmodel naar dagelijkse praktijk

In Nieuw Zuid krijgt dat principe heel concreet vorm. De Antwerpse stadsbuurt gaat zelfs nog een stap verder en functioneert in veel opzichten als een ‘five-minute-city-buurt’. Woningen worden er gecombineerd met een groot park, winkels, horeca, kunstgaleries, sportvoorzieningen, een school, kinderopvang en medische voorzieningen, allemaal op korte wandelafstand. Voor bestemmingen wat verderop is de fiets een logisch alternatief: station Antwerpen-Zuid ligt op ongeveer vijf minuten fietsen, de Grote Markt en het Centraal Station op ongeveer tien minuten. Tram en bus liggen op wandelafstand en in de wijk zijn Velo-stations en deelwagens beschikbaar. Zo wordt nabijheid niet één afzonderlijke troef, maar een manier waarop de hele buurt functioneert.

Hetzelfde uitgangspunt bepaalt de ontwikkeling van de Slachthuisbuurt, die eveneens als een vijfminutenstadsbuurt wordt uitgebouwd. Supermarkt, bakker, slager, fitness, huisarts, apotheek, metro en Velo bevinden zich binnen vijf minuten wandelen. Met de Kalverwei en het Vetten Osplein kreeg de wijk bovendien nieuwe publieke ruimte, terwijl ook onderwijs deel uitmaakt van de buurt, met onder meer GO! basisschool Terra en de nieuwe Campus Hallen van AP Hogeschool. De combinatie van wonen, leren, winkelen, ontspannen en ontmoeten maakt duidelijk waar het bij nabijheid uiteindelijk om draait: ervoor zorgen dat het dagelijkse leven zich voor een groot deel in de eigen buurt kan afspelen.

Goed wonen begint bij goed gelegen wonen

Niet alleen grote stadsontwikkelingen kunnen volgens dat principe functioneren. Ook de ligging van een afzonderlijk woonproject kan ervoor zorgen dat bewoners minder afhankelijk zijn van de auto. Klein Berchem, aan de voormalige site van Brouwerij De Koninck, ligt midden in een bestaande stadsomgeving. Het Harmoniepark, het Groen Kwartier en de Theaterbuurt liggen vlakbij, net als winkels, restaurants en andere dagelijkse voorzieningen. Tram- en bushaltes en Velo-stations bevinden zich op wandelafstand. Sint-Pieterspoort in Gent vertrekt vanuit een andere maar even sterke troef: het project verrijst pal naast station Gent-Sint-Pieters, waar trein, tram, bus en fiets samenkomen, en ligt tegelijk dicht bij het stadscentrum en de Leie.

De 15-minutenstad hoeft dan ook geen strak afgemeten cirkel op een kaart te zijn. Het is vooral een manier om naar de stad en naar wonen te kijken: hoeveel van je dagelijkse leven kan zich dichtbij huis afspelen? Zeker wanneer de dagen korter worden, voel je het voordeel daarvan meteen. Minder tijd onderweg betekent meer tijd voor andere dingen, terwijl wandelen en fietsen vanzelfsprekender worden wanneer bestemmingen dichtbij liggen. Of het nu gaat om een volledig nieuwe buurt of om een project dat zich zorgvuldig in een bestaande stadsomgeving nestelt: de kwaliteit van een woning begint uiteindelijk al buiten de voordeur.

Deel dit artikel

Schrijf je in voor
onze nieuwsbrief.

Gerelateerde artikels

Belgisch vastgoed staat nadrukkelijk op de radar van Nederlandse investeerders. Dat bleek tijdens de investeringsavond die Triple Living op 1…
Prinsjesdag bracht voor Nederlandse vastgoedbeleggers opnieuw een reeks fiscale ontwikkelingen, maar nam de onzekerheid over het investeringsklimaat niet weg. De…
Stefan Paeleman, CEO van projectontwikkelaar Triple Living, woont zelf op Nieuw Zuid. Vanuit die positie, als bewoner én bouwheer, kijkt…